Longembolie

Dit topic is gesloten
Longembolie

De longslagader vervoert het bloed van het hart naar de longen. Bij een longembolie is een van de vertakkingen van de longslagader verstopt, meestal door een bloedstolsel. Maar ook onder andere vet of lucht kunnen dit veroorzaken. De vertakkingen van de longslagader lopen naar de longblaasjes waar zuurstof in het bloed wordt opgenomen. Bij een longembolie loopt er dus minder bloed naar delen van de long die achter de embolie liggen. Daardoor kan het achterste deel van de long geen zuurstof opnemen uit de ingeademde lucht en komt er ook minder zuurstof in het bloed terecht. Hoe hoger in de vertakking de longembolie zit, hoe groter dat deel is. Mensen met een longembolie kunnen last hebben van een benauwd gevoel, pijn op de borst tijdens het ademhalen, een verhoogde hartslag en bloed ophoesten.

Bij een longembolie wordt er in het ziekenhuis bloedverdunners gegeven om het bloedstolsel uit elkaar te laten vallen. Vervolgens zal er 3, 6 of 12 maanden bloedverdunners geslikt moeten worden om te voorkomen dat er nieuwe bloedproppen ontstaan. In extreme gevallen zal er levenslang bloedverdunners geslikt moeten worden. Per jaar zijn er in Nederland 10.000-12.500 longembolieën. Hogere leeftijd, weinig beweging en een erfelijke aanleg zijn een paar factoren die de kans op een longembolie kunnen vergroten.
Dit topic is gesloten